Huiduitslag bij spruw ontstaat meestal doordat de Candida-schimmel zich vanuit de mond verspreidt naar het luiergebied, de liezen of andere huidplooien van de baby. De huid ziet er dan rood en vlekkerig uit, soms met open plekken, witte schilfers en rode pukkeltjes.
Spruw is een infectie van het slijmvlies van de mond met een gist. Typisch hierbij is een witte kleur op de tong en aan de binnenkant van de wangen. Bij sommige baby’s verspreidt de candida zich en ontstaat er ook een infectie in het luiergebied.
Wat is spruw?
Spruw is een infectie van het mondslijmvlies met een gist, een soort schimmel. De naam van de gist is Candida albicans. De gist leeft bij veel mensen op de huid en slijmvliezen zonder klachten te veroorzaken, maar kan onder bepaalde omstandigheden overgroeien en een infectie veroorzaken.
Spruw komt regelmatig voor bij baby’s, vooral vóór de leeftijd van 6 weken. Het komt vaak voor bij pasgeborenen en wordt meestal gezien bij kinderen jonger dan zes weken. Baby’s zijn er extra gevoelig voor omdat hun weerstand lager is.
Waarschijnlijk lopen baby’s de infectie op tijdens de geboorte in het geboortekanaal. Ook zou de baby de infectie kunnen krijgen tijdens de borstvoeding, doordat er op de tepel van de moeder een candida-infectie zit. Spruw kan ook overgedragen worden door het laten zuigen op een vinger, een speen of een tepel waar de gist op zit.
De schimmel kan zich verspreiden in de mond, de maag, de darmen, de liezen en de billen van de baby. De schimmel kan ook voorkomen in huidplooien, bijvoorbeeld in de oksel, waar een rode uitslag kan ontstaan.

Hoe ziet huiduitslag bij spruw eruit?
Bij spruw in de liezen en de billen ziet de huid er rood en vlekkerig uit, soms zelfs met open plekken, witte schilfers en rode pukkeltjes. De huiduitslag kan hardnekkig zijn en samengaan met luieruitslag.
De schimmel waardoor je baby spruw heeft, zit dan ook op de billen. Een hardnekkige en pijnlijke luieruitslag kan daarom een aanwijzing zijn dat de candida zich vanuit de mond naar het luiergebied heeft verspreid.
Spruw kan ook op andere plaatsen van de huid voorkomen. De schimmelinfectie kan zich bevinden op het tongetje, aan de binnenkant van de wangetjes en rond de anus. Bij volwassenen kan candida ook in huidplooien voorkomen.
Kenmerken van huiduitslag in het luiergebied
- De huid is rood en vlekkerig.
- Er kunnen rode pukkeltjes zichtbaar zijn.
- Er kunnen witte schilfers ontstaan.
- Soms zijn er open plekken.
- De uitslag kan hardnekkig zijn.
- De huiduitslag kan samengaan met witte plekken in de mond.
Huiduitslag bij spruw is niet altijd het eerste of duidelijkste symptoom. Soms is vooral de mond aangedaan en ziet de huid er normaal uit. Andersom kan een baby huiduitslag hebben terwijl er weinig aan de mond te zien is.
Hoe herken je spruw in de mond?
Bij spruw zijn er witgele plekken op de tong en aan de binnenkant van de wangen zichtbaar. Het slijmvlies daaromheen is rood. Meestal zitten er ook witte plekjes tegen de wangen en op het gehemelte.
De witte plekken gaan niet weg als je er met je vinger overheen gaat. Melk kan ook een witte aanslag op de tong geven, wat verward kan worden met spruw. Deze aanslag is makkelijk van de tong af te wrijven, spruw niet.
De meest voorkomende tekenen bij een baby zijn witte plekken op het mondslijmvlies en de tong die niet weg te vegen zijn, een mondslijmvlies dat roder ziet dan normaal en een parelmoerglans op de tong.
Het mondslijmvlies kan er ook normaal uitzien of iets roder en gezwollen zijn. Soms zijn er alleen rode, ronde plekjes zichtbaar.
| Kenmerk | Melkaanslag | Spruw |
|---|---|---|
| Kleur | Wit laagje op de tong | Witte of witgele plekken in de mond |
| Wegvegen | De aanslag is makkelijk weg te wrijven | De plekken gaan niet weg als je eroverheen gaat |
| Omgeving | Meestal geen rood slijmvlies | Het slijmvlies daaromheen is rood of gevoelig |
| Klachten | Meestal geen klachten | Soms pijn, onrustig drinken of moeite met slikken |
Welke klachten kan een baby hebben?
De meeste kinderen hebben geen last van de spruw. Soms kan spruw echter pijn in de mond geven. Hierdoor willen baby’s soms minder goed drinken en kunnen ze moeite hebben met slikken.
Bij het drinken kan je baby onrustiger zijn, vaker loslaten en een klakkend geluid maken. Je baby hapt steeds naar je tepel en laat je tepel vaak los. Soms weigert de baby de borst of de fles vanwege de pijn in het mondje.
Ook als je baby niet drinkt, kun je hem of haar horen smakken en de lippen zien aflikken. Een baby kan veel huilen bij het voeden of telkens de tepel of speen loslaten.
- Onrustig drinken.
- Vaker loslaten van de borst of fles.
- Een klakkend geluid tijdens het drinken.
- Huilen tijdens het voeden.
- Minder goed drinken.
- Moeite met slikken.
- De borst of fles weigeren.
- Een hardnekkige luieruitslag.
Er is niet altijd iets te zien bij de baby. Ook wanneer de mond weinig afwijkingen vertoont, kan een baby pijn of irritatie hebben tijdens het drinken.
Hoe ontstaat huiduitslag bij spruw?
Spruw ontstaat door Candida albicans, een gist die onder bepaalde omstandigheden kan uitgroeien tot een schimmel. Na de bevalling kan de gist makkelijker gaan groeien en kan de gist veranderen in een schimmel.
Een baby kan tijdens de geboorte in aanraking komen met de Candida-schimmel en daardoor spruw ontwikkelen. Pasgeboren baby’s kunnen al tijdens de geboorte met Candida gekoloniseerd worden als er sprake is van een vaginale schimmelinfectie.
Ook tijdens de borstvoeding kan de schimmel worden overgedragen. Dit kan gebeuren via de tepel, een vinger, een fles, een fopspeen of een ander voorwerp dat in de mond van de baby komt.
Te vroeg geboren baby’s, baby’s met een laag geboortegewicht en zieke of overgevoelige baby’s hebben een verhoogde kans op spruw. Een verminderde weerstand, ziekte, vermoeidheid, zwangerschap of stress kunnen bijdragen aan het ontstaan van een schimmelinfectie.
Spruw bij moeder en baby
Tijdens het geven van borstvoeding kan er zowel bij de moeder als bij de baby een schimmelinfectie ontstaan. Bij de moeder spreekt men van candidiasis, bij de baby van spruw.
Bij borstvoeding kunnen candidiasis en spruw elkaar in stand houden. De moeder kan de baby besmetten, waarna de baby de infectie weer aan de moeder kan doorgeven. Bij een beschadigde huid, zoals tepelkloven, kan de moeder hier gevoeliger voor zijn.
Als er sprake is van spruw en/of candidiasis, is het daarom van belang dat zowel uzelf als uw baby behandeld worden, zelfs als maar een van beiden klachten heeft. Dit is bedoeld om te voorkomen dat moeder en baby elkaar opnieuw besmetten.
Klachten aan de tepels en borsten
Een candidiasis kan voorkomen in en op de borst, tepel en tepelhof. De tepel kan rozerood tot paars verkleuren. De huid kan glad, gespannen, glanzend of schilferig zijn en er kunnen kleine bultjes ontstaan.
Er kan sprake zijn van ernstige jeuk die overgaat in een scherpe pijn, vooral tijdens en na het voeden. Ook een brandend gevoel en pijn die door de arm of rug trekt, kunnen voorkomen.
Soms ziet de tepel er normaal uit. Ook hier geldt dat er niet altijd iets bijzonders aan de tepels te zien is. Klachten kunnen aan één borst of aan beide borsten voorkomen.
De tepels kunnen glimmen of velletjes vertonen. Borstvoeding geven kan pijnlijk zijn, met een brandende of stekende pijn in de borst die ook na een voeding blijft bestaan.
Belangrijke kanttekening bij pijn aan tepel of borst
Spruw wordt vaak aangewezen als oorzaak van pijnlijke tepels en/of borsten. Recente onderzoeken laten zien dat dat eigenlijk vrijwel nooit zo is. Spruw is vrijwel nooit de oorzaak van pijn aan de borst of tepel.
De schurende, stekende of brandende pijn tijdens het voeden en tussen de voedingen in heeft vrijwel altijd een andere oorzaak. Het betekent niet automatisch dat de moeder ook spruw heeft wanneer de baby spruw heeft.
De meest voorkomende oorzaken van tepel- en borstpijn, jeuk en roodheid zijn het niet goed aan de borst gaan van het kindje, vaatkramp, huidaandoeningen, eczeem, bacteriële infecties, overproductie, hormonen, een onbalans van het microbioom van de borst, een melkblaar, overgevoeligheid voor iets wat je draagt of gebruikt en doorkomende tandjes.
Andere mogelijke oorzaken
Heb je meteen aan het begin van je borstvoedingsperiode pijn bij het voeden, dan gaat je kindje waarschijnlijk niet goed aan de borst. De aanhap van je kindje is belangrijk. Kloven zijn vrijwel altijd een aanwijzing dat de aanhap van je kindje niet goed is.
Vaatkramp in de tepel ontstaat als de bloedtoevoer naar je tepel wordt belemmerd. Dit kan gebeuren als je baby de tepel samendrukt tussen zijn kaakjes. De tepel is dan meestal vervormd na de voeding en de top is wit.
Er zijn veel verschillende huidaandoeningen, van eczeem tot psoriasis. Er zijn ook huidaandoeningen die verband houden met infecties, zoals herpes of krentenbaard. Bacteriële infecties lijken vaker de oorzaak te zijn van tepelpijn dan spruw.
Overproductie zorgt ervoor dat je vaak hele volle, gespannen borsten hebt. Dat kan leiden tot pijn, een drukkend of kloppend gevoel en jeuk aan de huid door de spanning. Een hele volle borst maakt het voor je baby ook moeilijker om aan te happen.
Zowel een naderende menstruatie als een nieuwe zwangerschap kunnen leiden tot gevoelige tepels. Een onbalans in het microbioom van de borst kan leiden tot aanhoudende, diepe pijn in de borst.
Een melkblaar ziet eruit als een wit, doorschijnend, glad puntje op de tepel dat veel pijn doet tijdens het voeden. Een melkblaar wordt veroorzaakt door een propje van cellen uit een melkkanaal die naar de oppervlakte komen.
Overgevoeligheidsreacties op beha’s, zoogkompressen, wasmiddelen, verzorgingsproducten of crèmes kunnen tot huidklachten leiden. Wanneer bij je baby tandjes doorkomen, kan dit tijdelijk voor zere tepels zorgen.
Gaat spruw vanzelf over?
Spruw gaat vaak vanzelf weer over. Drinkt je baby goed en heeft je baby geen last van de spruw, dan hoef je de spruw niet te behandelen.
Spruw duurt meestal 2 of 3 weken. Een behandeling van spruw duurt meestal 1 of 2 weken. Behandeling is vooral nodig wanneer de klachten het drinken verstoren of wanneer de baby duidelijk pijn heeft.
Huilt je baby veel bij het voeden of laat je baby de tepel of speen steeds los, dan kan de spruw pijn doen. Ga dan naar de huisarts om de spruw te laten beoordelen en zo nodig te behandelen.
Wanneer is behandeling nodig?
Behandeling is alleen nodig als een kind door de spruw niet goed meer kan drinken of slikken. Bij borstvoeding kunnen de klachten echter veel problemen veroorzaken en is er een grote kans dat moeder en kind elkaar over en weer blijven besmetten.
Om te voorkomen dat je moet of wilt stoppen met borstvoeding, is snelle en zorgvuldige behandeling aan te raden wanneer de klachten ernstig zijn of blijven terugkomen.
De behandeling bestaat uit medicijnen, in combinatie met hygiënemaatregelen en goed aanleggen. Moeder en kind worden allebei behandeld, ook als de spruwklachten er alleen bij de baby of de moeder zijn.
Behandeling van huiduitslag bij spruw
Bij luieruitslag door candida moet de aangedane huid volgens voorschrift dun worden ingesmeerd. De arts kan hiervoor een antischimmelmiddel voorschrijven, bijvoorbeeld een crème of een andere lokale behandeling.
De huid moet schoon en zo droog mogelijk worden gehouden. Verschoon je kind regelmatig en let erop dat vocht en ontlasting niet langdurig tegen de huid blijven zitten.
Gebruik geen verschillende smeersels tegelijk zonder overleg. Het smeren van allerlei middeltjes vergroot het risico op een overgevoeligheidsreactie.
Behandeling van de baby
Voor jonge baby’s wordt meestal een soort vloeistof gebruikt die tegen de wangen en tong wordt gedept. Bij oudere baby’s wordt vaker een gel gebruikt.
De huisarts kan een recept geven voor een vloeistof of gel. Een vloeistof is voor baby’s jonger dan 4 maanden. Baby’s ouder dan 4 maanden mogen een gel krijgen.
Breng het middel na een voeding voorzichtig aan op de binnenkant van de wangen, het gehemelte, de binnenkant van de lippen en de tong. Bestrijk volgens voorschrift alle oppervlakken binnen in het mondje van je baby.
Dit kan met een schone vinger of met behulp van een wattenstokje. Een orale gel of suspensie kan volgens voorschrift ook na iedere voeding worden gebruikt.
Als je baby jonger is dan 4 maanden, wordt de vloeistof volgens voorschrift meerdere keren per dag na een voeding in de mond aangebracht. Zijn de witte plekjes weg, ga dan nog een aantal dagen door met de behandeling.
Als je baby 4 maanden of ouder is, wordt de gel volgens voorschrift meerdere keren per dag na een voeding in de mond aangebracht. Smeer de gel goed uit, zodat je baby niet kan stikken in de gel, en smeer het niet achterin de keel.
Nadat de plekjes verdwenen zijn, moet nog een aantal dagen worden doorbehandeld. Afhankelijk van het voorgeschreven middel wordt vaak nog één week doorgegaan om terugkeer van de klachten te voorkomen.
Behandeling van de tepels
Bij borstvoeding kan de arts of apotheker een antischimmelcrème voor de tepels voorschrijven of adviseren. Breng de crème na iedere voeding dun aan op de tepels en de tepelhof.
Voor de volgende voeding moeten de tepels volgens de gebruiksaanwijzing met lauw water worden schoongemaakt wanneer het middel niet in de mond van de baby mag komen. Verwijder voorzichtig eventueel achtergebleven medicijn en was daarna de handen.
Behandel de tepels net zo lang als je de baby behandelt. Bij kapotte of erg pijnlijke tepels kan een orale gel of suspensie soms prettiger zijn, omdat deze niet op de tepel hoeft te worden aangebracht.
Soms helpt een antischimmelcrème niet voldoende. De arts kan dan een ander middel voorstellen. Bij aanhoudende of terugkerende klachten kan nader onderzoek of een andere behandeling nodig zijn.
Doorgaan met borstvoeding
Borstvoeding kan tijdens de behandeling gewoon doorgaan. Je kunt ook gewoon doorgaan met borstvoeding geven als je baby spruw heeft. Dit is niet schadelijk voor jou of je baby.
Vaak merk je al verbetering in de loop van de tweede dag wanneer de behandeling aanslaat. Als je baby door spruw de borst niet goed vastpakt en het voeden daardoor pijn doet, kun je tijdelijk kolven en de melk op een andere manier geven.
- Geef vaak en kort voeding.
- Begin de voeding aan de minst pijnlijke borst.
- Schuif de baby naar de andere borst als de melk is toegeschoten.
- Bevorder het toeschieten van de melk door warmte en ontspanning.
- Laat de pijnlijke borst zo goed mogelijk leeg drinken.
- Kolven kan tijdelijk helpen wanneer voeden te pijnlijk is.
- Eventueel kunnen tepelbeschermers worden gebruikt.
Je kunt een paar dagen een pijnstiller gebruiken, bijvoorbeeld paracetamol. Sommige adviezen noemen ook ibuprofen; overleg bij twijfel met een arts of apotheker, vooral wanneer je baby jong is of wanneer je zelf andere medicijnen gebruikt.
Als het te pijnlijk is om aan de borst te voeden, kun je je melkproductie in stand houden door te kolven. De pijnlijke borst moet daarbij zo goed mogelijk worden geleegd.
Afgekolfde moedermelk
Voor gezonde baby’s kan met spruw besmette moedermelk geen kwaad. Melk die je afkolft wanneer je baby spruw heeft, kan gewoon worden ingevroren en later aan je baby worden gegeven.
Vers afgekolfde melk kun je gewoon aan de baby geven. Dit geldt ook als je zelf spruw in je mond of een candida-infectie op je borsten of ergens anders op je lichaam hebt.
Er bestaat verschil in adviezen over het bewaren van afgekolfde melk tijdens een schimmelinfectie. Volg daarom bij twijfel het advies van je huisarts, verloskundige, lactatiekundige of de behandelaar van je baby.
Hygiëne bij spruw en huiduitslag
Als je baby spruw heeft, let dan extra op goede hygiëne. Was je handen voordat je je baby gaat voeden, na het verschonen van een luier en na een toiletbezoek.
Was de handen met warm water en zeep en wrijf ze daarbij ten minste 15 seconden over elkaar. Gebruik schone handdoeken of papieren handdoekjes om de handen te drogen.
Kook elke dag alles drie minuten uit wat in de mond van je baby gaat of met moedermelk in aanraking komt. Dit geldt voor flesspenen, fopspenen, bijtringen, speelgoed, kolfonderdelen, tepelhoedjes en tepelbeschermers.
Spenen van flesjes kunnen het beste elke dag worden uitgekookt. Laat de spullen goed drogen en bewaar de spenen op een droge en schone plek.
- Was regelmatig je handen.
- Houd vingernagels kort.
- Vervang vochtige zoogkompressen meteen.
- Laat de tepels na een voeding goed drogen.
- Houd de huid zo droog mogelijk.
- Verschoon regelmatig handdoeken.
- Doe iedere dag een schone beha aan of draag geen beha.
- Was zoogkompressen, beha’s, spuugdoekjes en kleding op minimaal 60 graden.
- Strijken en drogen in de zon kunnen helpen om de schimmel te doden.
- Vervang fopspenen, flesspenen en tepelhoedjes tijdens de behandeling regelmatig.
- Houd speelgoed dat in de mond komt schoon.
Was handdoeken en kleren die met de schimmel in aanraking komen in heet water, minimaal 60 graden. Gebruik bij voorkeur katoenen zoogkompressen en verschoon deze regelmatig.
Gezonde basishygiëne en regelmatig je handen wassen zijn voldoende. Zeer strenge hygiënemaatregelen, speciale diëten en allerlei smeerseltjes zijn vrijwel nooit nodig.
Wat kun je zelf doen bij huiduitslag?
Verschoon je baby regelmatig en houd het luiergebied zo droog mogelijk. Reinig de huid voorzichtig en voorkom wrijven wanneer de huid rood, gevoelig of open is.
Laat de huid zo mogelijk aan de lucht drogen. Gebruik alleen een middel dat voor je baby is voorgeschreven of waarvoor je gericht advies hebt gekregen.
Let ook op de mond en het drinkgedrag van je baby. Huiduitslag in het luiergebied in combinatie met witte plekken in de mond, onrustig drinken of pijn tijdens het drinken maakt spruw waarschijnlijker.
Het is belangrijk dat de huid van de tepels niet beschadigd wordt. Beschadiging kan ontstaan door verkeerd aanleggen van de baby, vocht, warmte, broeien, tepelvormers of tepelbeschermers.
Wanneer contact opnemen met een arts?
Neem contact op met de huisarts wanneer je baby veel huilt tijdens het voeden, de borst of fles steeds loslaat, niet goed drinkt of moeite heeft met slikken.
Vraag ook medisch advies bij een hardnekkige of pijnlijke luieruitslag, open plekken, uitbreiding van de huiduitslag, koorts of wanneer je baby ziek of te vroeg geboren is.
Raadpleeg een lactatiekundige of huisarts bij pijnlijke tepels, brandende of stekende pijn in de borst, jeuk, schilfering, roodheid of terugkerende klachten.
Als je klachten of vlekjes blijven bestaan nadat de behandeling is gestart, of als de klachten snel terugkeren, is het verstandig opnieuw contact op te nemen met de huisarts.
De huisarts kan de huid onderzoeken en nagaan of er daadwerkelijk aanwijzingen zijn voor een candida-infectie of kan je doorverwijzen naar een dermatoloog. Als andere oorzaken zijn uitgesloten en de klachten toch blijven bestaan, kan verder onderzoek nodig zijn.
Terugkerende spruw
Komt de spruw regelmatig terug, neem dan contact op met de jeugdgezondheidszorg of met een lactatiekundige als je borstvoeding geeft. Controleer ook of de behandeling volgens voorschrift lang genoeg is voortgezet.
Wanneer klachten aan de tepels of borst blijven terugkomen, moet niet automatisch opnieuw van spruw worden uitgegaan. Een verkeerde aanhap, eczeem, een bacteriële infectie, vaatkramp, een allergische reactie of een andere huidaandoening kan de oorzaak zijn.
Er zijn aandoeningen die vaak geassocieerd worden met schimmelinfecties, zoals diabetes. Bij aanhoudende of terugkerende klachten kan de huisarts beoordelen of aanvullend onderzoek nodig is.
tags: #huiduitslag #bij #spruw